Hart voor de haven: René Noijons (Douane Rotterdam Haven)

Voor René Noijons was 11 april een bijzondere dag. Op die datum was de officiële opening van de Rijksinspectie Terminal (RIT) op de Maasvlakte. De douaneambtenaar is een van de coördinatoren van de Rijks Controle Loods (RCL), die daar deel van uitmaakt.

Op de jonge René Noijons oefende de haven een grote aantrekkingskracht uit. ‘Ik ben geboren en getogen in Rotterdam’, vertelt de inmiddels 50-jarige inwoner van Krimpen aan den IJssel. ‘In die tijd was de Rotterdamse haven de grootste van de wereld. De dynamiek van het havengebied sprak, en spreekt, mij erg aan. Daar wilde ik later wel werken, maar in wat voor beroep, daarvan had ik werkelijk geen idee. Tijdens mijn middelbareschooltijd was de begeleiding bij beroepskeuzes anders dan nu. De studies Economie en Politicologie waren het niet voor mij. Uiteindelijk heb ik bij Schoevers een managementopleiding gevolgd en afgerond.’

Daarna kwam Noijons bij het Gemeenschappelijk Administratiekantoor (GAK) in Rotterdam terecht, het huidige
UWV. Niet als werkzoekende, maar als ambtenaar. Dat was in 1991. ‘Ik had het prima naar mijn zin daar, maar was op een gegeven moment wel toe aan iets anders.’

Die mogelijkheid kreeg hij toen het UWV in 2006 moest inkrimpen. ‘Er werd gekeken of UWV-mensen ergens
anders bij de overheid konden worden ondergebracht. Daar zat ook de douane bij, die op dat moment om mensen zat te springen. Ik dacht: dat is iets voor mij! Ik bezocht een voorlichtingsdag, besloot te solliciteren en werd aangenomen.’

Verdovende middelen

Na een interne opleiding werd Noijons ingedeeld bij de Douane Controle Loods (DCL) op de Maasvlakte. ‘Je kon zelf je voorkeur aangeven en daar wilde ik graag heen. Het idee om ooit in het havengebied te werken, is altijd in mijn achterhoofd blijven zitten.’

Als controlerend uitvoerend ambtenaar hield hij zich aanvankelijk hoofdzakelijk bezig met het bekijken en analyseren van scanbeelden en het fysiek controleren van goederen. ‘In mijn begintijd werden containers of hier in de loods gescand of met mobiele scans op locatie. Later werd dat uitgebreid met vaste scans op de terreinen van de grote terminals, die van hieruit gecoördineerd en gecontroleerd worden. Op basis van risicoprofielen worden de containers geselecteerd. Wij controleren ze op alles wat verboden is: verdovende middelen, wapens en munitie, namaakgoederen, smokkelwaar, beschermde dier- en plantensoorten en nog een groot aantal andere zaken. Verdovende middelen treffen we veruit het meest aan, gevolgd door namaakgoederen.’

Dure merktas

‘Doordat de controles zo veelomvattend zijn, doe je over veel zaken kennis op’, vertelt Noijons verder. ‘Voordat ik hier begon, kon ik bij wijze van spreken een dure merktas nog niet van een vuilniszak onderscheiden. Dat is nu wel anders, maar de echte experts in de deelgebieden waarop wij controleren zijn de ‘vraagbaken’ van het VGEM-team (Veiligheid, Gezondheid, Economie en Milieu, red.). Als wij iets ontdekken, stellen zij vast wat het precies is en of het inderdaad verboden is. Je weet van tevoren nooit of je iets aantreft en wat je aantreft. Dat maakt het werk spannend. Hebben we beet, dan geeft dat veel voldoening, want dat is waarvoor we het doen. Het is bovenal teamwork bij de douane, maar eerlijk is eerlijk, als jij degene bent die iets als eerste ziet,voelt dat toch als jouw vangst en is de voldoening des te groter. Mijn meest bijzondere vangst? Een paar jaar terug kreeg ik als coördinator een container met rozijnen ter controle aangeboden. Alles was raar aan die zending en daarom besloot ik alle mogelijke controlemiddelen in te zetten. Dat leverde dit een mooie vangst op van 765 kilo
heroïne.’

Controles

Na een aantal jaar bij de douane werd Noijons een van de coördinatoren van de DCL. ‘Als coördinator stuur je onder meer de los- en laadploeg aan en de collega’s die de controles uitvoeren, onderhoud je contact met de partijen die voor de aan- en afvoer van de containers zorgen en zie je toe op veiligheid in en rond de loods. Die taken wissel ik sindsdien af met het controle- en analysewerk.

Dat betekent zowel buiten als binnen werken. Een fantastische combinatie. Ook het afwisselende van het werk vind ik erg leuk. Geen dag is hetzelfde. De ene keer zit je heel de dag op kantoor en de volgende sta je midden in de nacht op een kade een lading bananen te controleren in weer en wind. Prachtig.’

Rijksinspectie Terminal 

Als coördinator was Noijons in een vroeg stadium betrokken bij de grootschalige verbouwing die de afgelopen
twee jaar plaatsvond bij het douanekantoor op de Maasvlakte. ‘De loods werd te klein en daardoor werden er in
2010 nieuwbouwplannen ontwikkeld. Samen met de andere coördinatoren heb ik toen een memo opgesteld met
aanbevelingen voor de inrichting daarvan.’

Door de crisis werden de bouwplannen op de lange baan geschoven, maar inmiddels staat de nieuwe loods er. Dat memo vormde de basis van hoe hij er nu uitziet. ‘Ik ben graag bij dat soort projecten betrokken en ervaar het als zeer positief dat er bij de douane ruimte is voor eigen inbreng van medewerkers. Samen met het eveneens nieuwe praktijktrainingscentrum en de hondentrainingsbaan vormt de loods nu de Rijksinspectie Terminal, RIT.’

Doordat de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT, red.) en de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA, red.) daar nu samen met ons hun controles en inspecties uitvoeren, heet hij sinds 11 april officieel Rijks Controle Loods. ‘Door onze gezamenlijke controles op één plek en hetzelfde tijdstip te doen, kunnen die zo efficiënt mogelijk uitgevoerd worden. De komst van de RIT draagt bij aan een soepel verloop van de logistieke processen op de Maasvlakte. Zo spelen wij in op de veranderingen in de haven. Een proces dat nooit stopt en waarover ik graag blijf meedenken.’

Erik Stroosma

Auteur: Nathalie Montfoort

Nathalie Montfoort is hoofdredacteur van Mainport en redacteur bij Nieuwsblad Transport.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.