Werkendam… waar ligt dat dan?

De vraag uit de kop horen ze in het Noord-Brabantse rivierdorp steeds minder vaak. Dat is te danken aan Werkendam Maritime Industries (WMI). Dit samenwerkingsverband van ondernemers, overheid en onderwijs- en onderzoeksinstellingen werd bijna vijf jaar geleden opgericht om de haven en maritieme sector van Werkendam beter op de kaart te zetten.

Dat toch nog niet iedereen Werkendam kan aanwijzen op de kaart, blijkt uit de PowerPoint-presentatie van WMI. Daar zit een dia met een landkaart bij waarop duidelijk staat aangegeven waar het dorp in Nederland ligt. ‘Bij een presentatie hebben we weleens politici gehad die geen idee hadden waar Werkendam lag’, verklaart WMI-programmamanager Karin Struijk die dia. En dat terwijl Werkendam na Rotterdam en Zwijndrecht, gebaseerd op het aantal geregistreerde binnenvaartschepen, de derde binnenhaven van Nederland is.

‘Het aantal schepen dat hier zijn thuisbasis heeft, ligt rond de 300’, geeft voorzitter Harry Cornet van WMI aan. De haven van Werkendam wordt gevormd door de Biesboschhaven en Beatrixhaven. Door de ligging van het dorp, daar waar de Boven-Merwede zich splitst in de Beneden-Merwede en Nieuwe Merwede en langs een van de belangrijkste vaarwegen in de verbinding Rotterdam-Antwerpen-Duitsland, is de binnenvaart van oudsher sterk vertegenwoordigd. Vandaaruit ontstonden allerlei activiteiten ter ondersteuning van die bedrijfstak: scheepswerven, constructiebedrijven en maritieme toeleveranciers en dienstverleners.

Extra impuls

Om de onderlinge samenwerking te bevorderen en samen deel te nemen aan vakbeurzen richtte een twintigtal van die bedrijven in 1989 Scheepsgroep Werkendam op. In 2013 nam de gemeente Werkendam het initiatief om de inspanningen van de ondernemers een extra impuls te geven. Voor de plaatselijke economie is die bedrijfstak namelijk erg belangrijk. Bijna een op de vier mensen van de beroepsbevolking (circa 2.000 mensen) in de gemeente werkt bij een van de bedrijven van het maritieme cluster. Het gemeentelijke initiatief leidde in maart 2014 tot de oprichting van de Stuurgroep WMI en de omvorming van de scheepsgroep in de vereniging WMI. In de stuurgroep zijn, behalve de overheid (de gemeente en de regionale ontwikkelingsmaatschappij REWIN West-Brabant), ook een onderzoeks- (Dutch Institute World Class Maintenance) en onderwijsinstelling (regionaal centrum voor mbo-opleidingen Da Vinci College) vertegenwoordigd. De verbindende factor tussen de stuurgroep en de vereniging is programmamanager Struijk.

Van bestek tot bestek

Bij de vereniging WMI zijn 39 bedrijven aangesloten. ‘Dat is 90% van de ondernemingen uit de sector’, zegt voorzitter Cornet, die zelf directeur is van een bedrijf dat gespecialiseerd is in oppervlaktebehandeling. Daarbij zit een aantal grote ondernemingen, zoals scheepsbouwers Concordia Damen en VEKA en machinefabriek De Waal, maar vooral middelgrote en kleine bedrijven. ‘Samen kunnen zij schepen turn-key opleveren’, vertelt Struijk. ‘Van het bouwbestek tot en met het tafelbestek. Behalve voor nieuwbouw kan men hier terecht voor verbouw, afbouw, onderhoud, reparatie en refit. Daarnaast houden verschillende bedrijven zich bezig met duurzame innovaties, zoals hybride en elektrische scheepsaandrijvingen en energiebesparende roeren en schroeven. Aanvankelijk werkte de sector vooral voor de binnenvaart, maar inmiddels ook voor de zeevaart, de shortsea-markt en de offshore-industrie, in binnen- en buitenland.’

‘Naast het (inter)nationaal beter profileren van de haven en het maritieme cluster willen we een ruimer aanbod creëren van de hier gemaakte en geleverde maritieme producten en diensten’, vervolgt Struijk. ‘Op die manier willen we de werkgelegenheid en verdiencapaciteit in de regio vergroten. Daar zijn dan wel voldoende vakmensen voor nodig. Dus zetten we in op het binden van de huidige medewerkers en het stimuleren van vraaggericht beroepsonderwijs, zodat dit beter aansluit bij de behoeften van de bedrijven. Om onze doelen te bereiken, maken we verbindingen met overheden, onderwijs- en onderzoeksinstellingen en ondernemersverenigingen om samen te werken en kennis te delen. We nodigen onder meer ondernemers en politici uit – vorig maand was staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat Mona Keijzer nog te gast – organiseren werkbezoeken en kennisevents, nemen deel aan beurzen en verzorgen ‘werksafari’s’ voor leerlingen van de basisschool en middelbare school.’

Urk

Volgens Cornet en Struijk heeft dit alles ertoe geleid dat Werkendam als haven en maritiem centrum bekender
is geworden. Cornet: ‘Dat blijkt onder meer uit de belangstelling voor onze samenwerkingsvorm, bijvoorbeeld
van het maritieme cluster in Urk, de samenwerkingen met het onderwijs en uit het feit dat nieuwe bedrijven uit de
sector zich hier komen vestigen. Het grote verschil met de scheepsgroep is dat er nu iemand is die de kar trekt. De
aangesloten ondernemers hebben volle agenda’s en zijn niet in de gelegenheid er zoveel tijd en aandacht aan te besteden als Karin doet. Daardoor staan we nu meer op de kaart. Ook werken we als ondernemers meer samen dan voorheen. Verder attendeert Karin ons bij voorbeeld op tenders. Dat heeft diverse bedrijven hier opdrachten opgeleverd die ze anders hoogstwaarschijnlijk niet gehad zouden hebben.’

‘Het aantal schepen dat hier zijn thuisbasis heeft, ligt rond de 300’

Om verder te kunnen groeien, stuit de Werkendamse maritieme sector op verschillende uitdagingen. ‘Het invullen van vacatures staat daarbij op een’, aldus Cornet. ‘Dat Werkendam slecht bereikbaar is, helpt daarbij niet. De files op de A15 en A27 schrikken potentiële werknemers en stagiairs van buiten de gemeente af. De A27 wordt vanaf 2022 verbreed, maar voordat het beter wordt, zal het door de werkzaamheden eerst slechter worden, vrees ik. Door de krapte op de arbeidsmarkt trekken veel bedrijven arbeidsmigranten aan. Voor hen is echter een tekort aan huisvesting. Die zouden wij graag uitgebreid zien, maar dat is moeizaam en tijdrovend traject. Dat geldt ook voor extra kaderuimte. De komst van een derde haven is een langgekoesterde wens. Er lopen nu gesprekken om de Biesboschhaven uit te breiden met een insteekhaven. Als alles meezit, is die er over drie jaar. Verder zijn er plannen om stroomopwaarts een nieuwe haven aan te leggen, maar voor die er is, zijn we zeker tien jaar verder.’

Bij het tot uitvoer brengen van haar wensen krijgt WMI vanaf 1 januari 2019 te maken met een nieuwe gemeente. Struijk: ‘Werkendam gaat fuseren met Aalburg en Woudrichem. In die andere twee gemeenten is de maritieme sector veel minder of nauwelijks vertegenwoordigd. Op het totaal wordt het belang van de haven en bedrijfstak dus minder, maar wij zijn ervan overtuigd dat ook de nieuwe gemeente inziet hoe belangrijk de verdere ontwikkeling daarvan voor de lokale economie is.’

Auteur: Erik Stroosma

Onderwerpen: ,

Auteur: Nathalie Montfoort

Nathalie Montfoort is hoofdredacteur van Mainport en redacteur bij Nieuwsblad Transport.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.