Groningen Seaports: overheid moet nu kiezen voor offshore wind

Om aan de klimaatdoelstellingen van 2050 te kunnen voldoen, moeten we nu investeren in een groene toekomst. Met name de bouw van windparken op zee biedt kansen, zegt Groningen Seaports CEO Cas König. ‘Maar dan moet de overheid wel meewerken.’

Sinds twee jaar staat König aan het roer van het Groningse havenbedrijf. Hij houdt zich sindsdien in grote mate bezig met verduurzaming van de havens. König vertelt hoe belangrijk offshore wind is voor Groningen Seaports.

Groningen Seaports profileert zich steeds meer als duurzame haven met oog voor groene energie?
‘Dat klopt. We hebben de laatste jaren een enorme ‘change of focus’ doorgemaakt bij Groningen Seaports. Van pak ‘m beet 1973 tot 2003 gebeurde hier vrijwel niets. Het ging in die periode alleen over ladingstromen. De focus van de Eemshaven ligt nu juist echt op energie. Offshore wind vormt daarbinnen een heel belangrijk onderdeel. Delfzijl is als haven meer gericht op biobased chemie en circulaire economie. We hebben die hernieuwde strategie in 2012 ook al opgenomen in onze havenvisie 2030. Daarin staat dat alle groei groen moet zijn. We zoeken daarom ook bedrijven die duurzaam actief zijn. Maar als je om je heen kijkt is vrijwel ieder bedrijf hier wel mee bezig. Zelfs de grote datacenters als Google willen alleen nog maar gebruikmaken van groene stroom.’

De focus van de Eemshaven ligt op energie. Waar uit zich dat in?
‘30 procent van de stroom in Nederland is afkomstig uit de Eemshaven.’

U ziet vooral toekomst in offshore windenergie?
‘We hebben vanuit de Eemshaven zestien windparken aangelegd. Slechts een daarvan ligt op Nederlands grondgebied. Met dit Gemini windpark produceren we op dit moment 600 Megawatt. Om echt een verschil te kunnen maken, moeten we naar 6000 tot 7000 megawatt, ruim tien keer zoveel dus. Dat hoeft gelukkig niet met tien keer zoveel molens, de windmolens worden steeds groter en krachtiger.’

Wat houdt Groningen Seaports tegen om dit te realiseren?
‘Om dit waar te kunnen maken hebben we gebieden nodig waar we aan de slag kunnen. En dat toewijzen moet sneller. In Duitsland zijn ze veel verder. Daar heeft de overheid gewoon gezegd dat ze van de kolencentrales af willen en daarom is er ruimte aangewezen voor de bouw van windparken op zee. Daar zou de Nederlandse overheid een voorbeeld aan moeten nemen. Ik heb minister-president Mark Rutte er onlangs ook op gewezen toen hij een bezoek bracht aan Groningen Seaports. Het zou ons echt helpen als er plekken aangewezen worden waar wij offshore windparken kunnen gaan bouwen. Voor alle uitbreidingsplannen van de bedrijven hier hebben we heel veel energie nodig. De industrie schreeuwt om een oplossing. Als we van het gas af willen hebben we veel meer energie nodig. Een waterstofeconomie kost veel stroom.’

Een waterstofeconomie, wat bedoelt u daarmee?
‘We zouden het liefst volledig overstappen op waterstof. En uiteindelijk natuurlijk op groene waterstof. Daar is ons havengebied uitermate geschikt voor. Hier begint de gasrotonde die we kunnen hergebruiken voor het vervoer van waterstof. Het mooie is dat we hier twee leidingen naast elkaar hebben liggen. Een voor hoogcalorisch en een voor laagcalorisch gas. Een van de pijpleidingen is te gebruiken voor het vervoeren van waterstof. We hebben ook al een waterstofnetwerk liggen. Groningen Seaports werkt hiervoor samen met Pipelife. Zij ontwikkelden kunststof buizen waardoor groene, uit windenergie gewonnen waterstof, vervoerd wordt naar zes bedrijven in Delfzijl en de Eemshaven. Om het gebruik van waterstof nog sneller te kunnen realiseren en groter te maken, zijn we ook een samenwerking gestart met Port of Amsterdam en Port of Den Helder onder de naam Hydroports.’ (zie kader)

Wat maakt de Eemshaven geschikt om grote offshore windparken te realiseren?
‘Onze ligging is heel gunstig. Bovendien hebben we in onze haven specifieke kades gebouwd voor zwaar transport. We begonnen met een kade met een draagkracht van 2 ton per vierkante meter, nu hebben we zelfs een kade die 30 ton per vierkante meter kan verdragen. En met de onlangs door minister Wiebes geopende helihaven zijn we helemaal geschikt voor offshore wind.’

Waarom is die helihaven zo belangrijk?
‘De windparken bevinden zich op ongeveer 80 kilometer van de haven. Als monteurs naar de windparken moeten met een schip, dan zijn ze veel te lang onderweg. Een helikopter brengt ze er snel naartoe. Vanuit de haven worden windparken als Gemini, Veja Mate, Merkur Offshore en Deutsche Bucht bereikt.’

Er is ook veel kritiek op offshore windparken. Het zou de natuur schaden…
‘De bouw van windmolens in zee heeft twee kanten. Als we iets willen doen aan die klimaatverandering dan zullen we stappen moeten zetten. En daarin is offshore wind heel belangrijk. Aan de andere kant schaadt het wel het zeeleven en er sterven regelmatig vogels en vleermuizen doordat ze in de wieken vliegen. Al schijnt het juist ook goed te zijn voor de natuur, want daar waar de windparken gebouwd worden krijgt het ecosysteem meer rust. Belangrijkste is echter dat we die windmolens heel hard nodig hebben om de CO2-doelstellingen te halen.’

Doet Groningen Seaports iets ter compensatie van geleden schade?
‘We doen een proef met een radarsysteem waarmee we de vogeltrek in de gaten houden. Zo kunnen we de windmolens stilzetten als er een zwerm voorbij komt. We hebben ook speciale broedeilanden aangelegd. Verder moesten we voor de uitbreiding van het datacenter van Google een boerderij platgooien. In die boerderij zaten veel vleermuizen. Ter compensatie hebben wij een vleermuizentoren ter waarde van 40.000 euro laten neerzetten.’

Auteur: Kim van Dijk

Kim van Dijk is hoofdredacteur van Mainport Magazine en schrijft ook regelmatig voor Nieuwsblad Transport.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.