Hart voor de haven: Hans Coenen (Franklin Offshore Europe)

Op zijn 22ste verliet Hans Coenen de marine om rigger te worden. Dat beroep werd er door de oude garde – soms letterlijk – bij hem ingeramd. Die harde leerschool schrok hem niet af en was het begin van een mooie loopbaan in het tuig en de hijs-, hef- en sleepmaterialen. Als operations manager bij Franklin Offshore Europe traint hij nu onder meer collega’s. Daarbij gaat hij heel wat zachtzinniger te werk dan zijn leermeesters van vroeger.

‘Ja, ik heb de lijfstraffen nog meegemaakt’, zegt de nu 49-jarige Hans Coenen met een lach. ‘Dat kun je je nu niet meer voorstellen, maar zo ging dat. Deed je iets niet goed, dan scholden ze je verrot en kon je soms ook nog een draai om je oren krijgen. De meeste andere riggers (tuigers in het Nederlands, red.) waren een stuk ouder dan ik en hadden bijna allemaal gevaren. Het ging er echt op z’n Rotterdams aan toe. Hard werken, recht voor z’n raap en geen geouwehoer. Ik vond dat wel mooi en het vak van rigger geweldig.’

Scheepstuigage fascineerde de geboren Rotterdammer als kind al. ‘Vraag me niet waarom, maar ik heb daar altijd wat mee gehad. Touw, knopen, kabels, zelf zeilen. Prachtig vond ik dat.’ Op de mavo haalde hij goede cijfers, maar doorleren wilde Coenen niet. Hij wilde varen. ‘Dat sprak me enorm aan. Een beetje zoals in dat liedje Sailing home van Piet Veerman, dat toen een grote hit was. “Feeling young”, “feeling strong”. Ik meldde mij aan bij de marine, werd goedgekeurd en tekende een contract als kvv’er (kortverbandvrijwilliger, red.). Als matroos bij de nautische dienst voer ik drieënhalf jaar op het bevoorradingsschip de ‘Poolster’. Een schitterende tijd. Daarna kreeg ik een walplaatsing bij de onderzeedienst, hier op het RDM-terrein.’

Vlootbaal

Zijn nieuwe werkplek beviel hem als ‘vlootbaal’ maar matig. ‘Ik kon bijtekenen, maar het vooruitzicht dat ik bij de marine vaker op de wal dan op zee zou zitten, trok mij niet. Toen de ‘Poolster’ in de Vulcaanhaven in Vlaardingen voor onderhoud lag, zag ik de riggers van Hendrik Veder aan het werk. Dat leek mij ook wel wat. Ik ben naar dat bedrijf gefietst en gevraagd of ze werk hadden. Dat hadden ze. Daar leerde ik het tuigersvak. Schepen op- en aftuigen, het in- en uitscheren van staaldraden, draden controleren, vermaken, vervangen, repareren. Kortom, alles wat komt kijken bij tuig dat bestemd is om te slepen, hijsen en heffen.’

Ruim 24 jaar werkte Coenen bij Hendrik Veder. Hij had het goed naar zijn zin en klom op van rigger tot directeur operaties. ‘Op een gegeven moment werd ik benoemd tot directeur offshore en was het de bedoeling dat ik mij vrijwel fulltime ging bezighouden met het binnenhalen van nieuwe opdrachten. In die functie miste ik de actie. Het betrokken zijn bij het echte werk. Op een bijeenkomst raakte ik in gesprek met de general manager van Franklin Offshore Europe. Hij vertelde dat hij op zoek was naar een operations manager. Franklin Offshore komt oorspronkelijk uit Singapore, is wereldwijd actief en zat nog niet zo lang in Nederland. Ze waren hier hun Europerse operatie aan het opbouwen en zochten daarvoor ervaren mensen. Niet lang daarna ben ik spontaan langsgegaan om te praten over de mogelijkheden. In februari 2015 ging ik hier aan de slag als operations manager.’

Warm bad

Bij Franklin Offshore Europe voelt hij zich naar eigen zeggen helemaal in zijn element. ‘Het is een heel sociaal en prettig bedrijf. Een warm bad. Ik ben een hands-on-type en wil feeling houden met het werk dat we in de productiehal en op locatie doen en met de producten die we maken en waarmee we werken. Hier kan dat.’ Het op de RDM Campus gevestigde Franklin Offshore Europe ontwerpt en produceert stalen en synthetische kabels voor de scheepvaart, offshore en industrie. Het aanbod varieert van kabels met een diameter van 1,5 millimeter tot en met stroppen met een doorsnede van 424 millimeter. Het bedrijf verzorgt daarnaast onder meer de installatie, het onderhoud en de inspectie van de producten die het levert.

Voor ondernemingen die actief zijn in offshore wind, de sector die centraal staat in deze Mainport, maakt Franklin Offshore Europe onder meer synthetische kabels die gebruikt worden voor het plaatsen van rotorbladen. Coenen geeft leiding aan het team dat al deze werkzaamheden coördineert. Daarnaast stuurt hij de medewerkers van de productiehal, de teams die op locatie werken en de inspecteurs aan. Ook houdt hij zich intensief bezig met het normeren en certificeren van kabels.

En dan zijn er nog de bedrijfstrainingen. Technische trainingen voor de medewerkers van de productiehal en buitendienst en producttrainingen voor de sales-afdeling. ‘Nee, ik sla ze niet. Ik ben eerder van de uitvoerige uitleg. Niet alleen vertellen hoe je iets moet doen, maar ook waarom. Als je begrijpt wat je doet, lever je beter werk en is het ook veel leuker.’

Limieten opzoeken

‘Wat ik zelf het leukst vind van mijn werk? De dynamiek. Elke dag maken we een planning, maar omdat het allemaal maatwerk is wat we doen, loopt het altijd anders. Dan moet je snel schakelen en bijsturen. Geen klus is hetzelfde. Daardoor kom je steeds voor nieuwe uitdagingen te staan. Die tot een goed einde brengen, vergt soms veel van het team en mij, maar als het dan weer lukt, is de voldoening des te groter. Noem mij een masochist, maar van dat proces, daar geniet ik enorm van. De limieten opzoeken van wat mogelijk is, is ook iets wat dit beroep zo interessant maakt. Mijn collega’s uit Singapore hebben een keer een kabel gemaakt die zo dik was dat hij is op genomen in het Guinness Book of Records. Nu wil ik hen niet per se van hun record beroven, maar binnen mijn vakgebied iets realiseren waarvan van tevoren werd gedacht dat het niet kon, staat hoog op mijn wensenlijst.’

Erik Stroosma

Auteur: Nathalie Montfoort

Nathalie Montfoort is hoofdredacteur van Mainport en redacteur bij Nieuwsblad Transport.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.