Den Helder Airport vindt bondgenoten in buitenland

In Aberdeen is onlangs de North Sea Heliports Alliance (NSHA) opgericht. Dit verbond van zes grote Europese offshore helihavens is een initiatief van Den Helder Airport. Met dit samenwerkingsverband wil het Helderse vliegveld zijn positie als toekomstige uitvalsbasis voor de offshore windindustrie op de Noordzee versterken.

De oprichtingsvergadering vond plaats op Aberdeen International Airport. Behalve uit dat vliegveld en Den Helder Airport bestaat de NSHA uit de heliports in Emden, Esbjerg, Kirmington (Humberside Airport) en Stavanger. Samen vormen zij de top-6 van grootste offshore helikoptervliegvelden van Europa. Op Emden Airport na bedienen ze nu nog vooral de offshore olie- en gasindustrie. Nu die op haar retour is en overal het evangelie van de energietransitie gepreekt wordt, zijn ze op zoek naar een nieuw verdienmodel. Dat verwachten ze te vinden in offshore wind. ‘De Noordzee wordt straks één gigantische energiecentrale’, zegt business development manager offshore Nick Waterdrinker van Den Helder Airport.

Windparken

‘Vanaf 2030 gaat het daar helemaal los met de aanleg van windparken. Naar verwachting zullen op termijn honderdduizenden mensen werkzaam zijn in de Noordzee offshore windindustrie. 330.000 fte is een cijfer dat je in dat verband regelmatig tegenkomt. Een gedeelte daarvan zal voor onderhoud, reparatie en inspectie geregeld de windparken moeten bezoeken. De geplande parken komen steeds verder van de kust te liggen. Mensen daarnaartoe vliegen is dan, vanwege de tijdsbesparing, de aantrekkelijkste optie. Daar liggen de kansen voor ons en de andere leden van de alliantie. Om die optimaal te benutten is vroegtijdig tot internationale samenwerking komen noodzakelijk. Door een verbond op te richten kunnen we gezamenlijk de markt tegemoet treden, efficiënter en goedkoper opereren, kennis delen en meer invloed uitoefenen op de beleidsmakers in eigen land en Brussel. Dat laatste is nodig om meer duidelijkheid te krijgen over de langetermijnplannen en regelgeving ten aanzien van offshore wind op de Noordzee. De regels zijn nu nog in elk land verschillend. Om een level playing field te creëren, zouden die gelijkgetrokken moeten worden.’

Lijndienst

Een van de eerste echt concrete acties die de NSHA wil ondernemen, is het opzetten van een lijndienst tussen de heliports. ‘De meeste exploitanten van windmolenparken zijn in verschillende delen van de Noordzee actief’, geeft Waterdrinker aan. ‘Hun personeel rouleert tussen meerdere parken. Die mensen bijvoorbeeld laten invliegen op Schiphol en vanaf daar naar Den Helder vervoeren, is niet heel efficiënt. Met een directe lijnverbinding ondervangen we dat en komen we tegemoet aan de wensen uit de markt. In eerste instantie gaat het om een lijndienst tussen een aantal van de deelnemende vliegvelden die in landen liggen die al veel verder zijn met offshore wind dan wij. De rest kan op termijn worden aangesloten. Dat geldt dus ook voor Den Helder.

Hub-and-spoke model

De oprichting van de NSHA komt rechtstreeks voort uit het plan dat Waterdrinker vorig jaar ontwikkelde voor de Nederlandse op offshore gerichte helikoptersector. Daarin stelde hij een zogenoemd hub-and-spoke model voor waarbij Den Helder Airport als hub gaat fungeren voor meerdere kleine heliports (spokes) langs de Nederlandse kust. Op die manier, zo onderbouwde hij dat plan, maak je optimaal gebruik van de reeds bestaande faciliteiten en infrastructuur en kun je de offshore windindustrie tegen lage kosten een goed product aanbieden. Een consortium van bedrijven dat actief is in de offshore helikoptermarkt, waaronder Den Helder Airport zelf, zou dit netwerk van helikopterstart- en landingsplaatsen moeten gaan exploiteren en faciliteren.

Waterdrinker: ‘Inmiddels spreken we van satellites in plaats van spokes. Dat laatste woord heeft in de luchtvaart ook een andere betekenis, die verband houdt met lijnvluchten, en dat leidde tot verwarring. Ook van de aanduiding consortium zijn we afgestapt omdat die de lading niet goed dekte. Op de naamswijzigingen na is het plan verder onveranderd gebleven. Negen bedrijven die helikopterservices aan de offshore leveren, hebben zich bij ons aangesloten. Met hen zijn we op nationaal niveau een alliantie aangegaan. Onder de naam Helicopter Support Alliance North Sea (HSANS, red.) werken we samen om het plan verder uit te bouwen en zoveel mogelijk steun te vergaren bij de Nederlandse stakeholders. Ook kunnen we hen via de NSHA toegang verschaffen tot de regio’s van onze Europese partners.’

Draagvlak

In de gebieden waarin de bondgenoten van Den Helder Airport actief zijn, wordt een soortgelijke opzet, met hubs en satellites en lokale allianties, gehanteerd. ‘Dit plan heeft alleen kans van slagen als er voldoende draagvlak voor is bij betrokken partijen’, benadrukt Waterdrinker. ‘In Aberdeen hadden we daardoor overheidsvertegenwoordigers, helikopteroperators, kleine vliegmaatschappijen en denktank RenewableUK uitgenodigd. Aan hen hebben we de plannen gepresenteerd. Het was van tevoren spannend hoe zij daarop zouden reageren. De Britten zijn leading in offshore wind en lopen minstens vijftien jaar op ons voor. Zij waren dan ook kritisch, maar met een positieve insteek. Ze staan open voor dit initiatief en kunnen zich voor een groot gedeelte goed vinden in onze plannen. Wel plaatsten ze een kanttekening bij de door ons gehanteerde data ten aanzien van de prognoses van offshore wind op de Noordzee. Die vonden ze wat aan de wilde kant. De juiste data boven tafel krijgen, is een van onze grootste uitdagingen. Doordat nog veel onduidelijk is, is het moeilijk om goede prognoses te maken. Voor bedrijven in de sector zijn die data echter van essentieel belang omdat zij daar hun investeringen op baseren. Een nieuwe helikopter kost al gauw 25 miljoen euro, en dan wil je wel zeker zijn van je zaak.’

Hub-and-satellite model

In Aberdeen spraken de leden van de NSHA af elk kwartaal bij elkaar te komen op een steeds wisselende locatie en daarvoor ook lokale stakeholders uit te nodigen. De eerstvolgende bijeenkomst is eind september in Hamburg. ‘Daar zullen we ons op de WindEnergy-beurs voor het eerst aan de pers en de markt presenteren.’

In Nederland gaat Den Helder Airport de komende tijd, samen met de HSANS, door met het aan de man brengen van het hub-and-satellite model. Daarvoor voeren zij onder meer gesprekken met de exploitanten van heliports in Amsterdam, IJmuiden en Vlissingen. Begin dit jaar was met name havenbedrijf North Sea Port, dat aandeelhouder is van vliegveld Midden Zeeland, niet erg happig om samen te werken met Den Helder. Volgens Waterdrinker is dat inmiddels wel anders. Met de heliport in de Eemshaven, waarvan de aanleg deze maand van start gaat, zijn nog geen gesprekken gevoerd. ‘Die helihaven zouden we graag opnemen in het model. Er is echter nog niet bekend wie die heliport gaat exploiteren. Zodra daar duidelijkheid over komt, nodigen wij hen graag uit voor een gesprek.’

Erik Stroosma

Lees ook: Hub and spoke: Den Helder als spin in het helikopterweb

Onderwerpen: ,

Auteur: Nathalie Montfoort

Nathalie Montfoort is hoofdredacteur van Mainport en redacteur bij Nieuwsblad Transport.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.